De wind wast alles schoon breekt de takken van de bomen en gebiedt mij buigzaam te bewegen op haar stroom Meer nog dan voorheen raast zij door mijn hoofd en spreidt haar macht tentoon. Ik ben haar niet langer baas zoals toen ik nog met zeil en lijn kon temmen wat te groot geworden leek Ik geef toe, ik moet wel nu de wind me grijpt, neersmakt en tot inkeer dwingt.
