WORDING

De wind wast alles schoon 
breekt de takken van de bomen
en gebiedt mij buigzaam 
te bewegen op haar stroom

Meer nog dan voorheen raast zij 
door mijn hoofd en spreidt 
haar macht tentoon.

Ik ben haar niet langer baas 
zoals toen ik nog met zeil en lijn 
kon temmen wat te groot geworden leek 

Ik geef toe, ik moet wel nu 
de wind me grijpt,
neersmakt en tot inkeer dwingt.