TE GAAN

Deze gele smet is te schel om op te gaan in land-
geen wonder dat de pont vanaf de kade elke 
drie minuten naar de overzijde wordt gespuugd
verlost van groen waarnaar het zich niet voegen kan
  
het schip stoort zich intussen aan willekeurig niets-
langs de ketting klieft hij wolk en water
als was het zoete dikke melk die loom en
willoos steeds gestaag haar loop herneemt. 
  
Zo schikt alles zich in trage kolken terug in het gareel
geen schip, geen brug, geen storm of ongenadig 
zonlicht breekt dit spel dat consequent toen 
met nu en straks verbindt naar onbuigbaar protocol.
  
De pontbaas schikt mijn munten nauwgezet:
welbeschouwd is hij de zuivere constante die 
deze discipline enkel wijzigt wanneer beweging
tussen land en land verbroken wordt. 

Plaats een reactie